De verminkte Apollo – S. Vestdijk2 min read

De eerste hoofdstukken van De verminkte Apollo zijn even doorbijten. Het is geen gemakkelijk boek. Maar zoals altijd bij Vestdijk loont het de moeite. Zit je eenmaal in het verhaal, dan wordt het bijna een echte ‘page turner’. De avonturen van Diomos zullen me bijblijven, zoals het verblijf in de gruwelijke onderwereld, op hallucinante wijze beschreven. Niet minder huiveringwekkend is het ‘gevecht met razende vrouwen, die het geheime feest van Dionysos vieren’, zoals de auteur op de achterflap liet zetten.

Grote rondedansen met fakkels waren onmogelijk in de rotsige omgeving. In hinderlaag had hij toegezien hoe het draagbare altaar, waarnaast de Gemaskerde prijkte als bloedrode dwerg, dieren werden verscheurd en leeggezogen. Statige vrouwen met ringen en parelsnoeren krabden elkaar in het gezicht om het bezit van een jonge vos. Snuiten van statige bokken werden geduwd tussen zware, met wijn bevlekte borsten. De bokken werden gestreeld, gezoogd, aleer zij stierven.

Vestdijk vond het zelf een minder geslaagd werk. Hij had hem wel kunnen verbeteren, maar de uitgever had haast om het boek nog voor de Boekenweek van 1952 in de winkel te hebben liggen. Deze lijvige roman werd geschreven in twee maanden tijd, een bijna niet te bevatten prestatie, maar voor Vestdijk heel normaal. Maarten ’t Hart noemde het boek ‘ zo erudiet en zo overladen, dat het werk en passant onleesbaar werd.’ Daar ben ik het niet mee eens. Zoals gezegd, is zeker de tweede helft van het boek bijzonder pakkend.

Het noodlot is onkenbaar, zelfs voor de Goden; en mochten Zij het doorschouwen, dan moeten Zij zich toch buigen. Het heden beweegt zich voort, wij plukken de vruchten of zij verdorren in onze hand, maar wie in de toekomst wil zien is in het heden een hulpeloos pluisje, tenzij hij de toekomst weet te dwingen, wat de mens een enkele maal gegeven is, niet altijd in zijn voordeel. Eist Kleisthenes te veel, dan zal de God ervoor zorgen, dat hij inbindt en meestal zorgt de tijd daarvoor…

Je leert al lezend ook veel over het Orakel van Delphi, waarvan velen wel eens hebben gehoord, maar niet precies weten hoe dat nu werkte. In een brief schreef Vestdijk: ‘Een van de moeilijkste dingen die ik ooit schreef en een krankzinnige hoeveelheid voorstudies.’ Deze kennis zit allemaal in dit opmerkelijke boek. Zoals ik al zei, het kost wat moeite om ‘erin te komen’, maar wie doorzet maakt kennis met een enorme literaire rijkdom.

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.